De Middeleeuwse Ideeënwereld

Werkboek 1. Bronnen en tradities

J van Maerlant 1225-1291 "De naturen Bloeme"is een in 1262-1266 ontstane bewerking van de Latijnse encyclopedie "De naturis rerum"(over de aard der dingen) van TH v C(1200-72)

Moderne Nederlandse weergave

Artikel W.P. Gerritsen

Bronnen van Th v C

Bronnen v Gerritsen: gaat niet expliciet in op de betrouwbaarheid of representativiteit van de opvattingen uit bronnen/ ook de verbreiding niet aan de orde

Werk Maerlant: schriftelijke overlevering in de volkstaal/ baseert zich op de geleerde Latijnse traditie/behoort tot een door Mostert genoemde tussenvorm/ bronnen Maerlant:bijbel/kerkvaders(Aug)/ heidense klassieke auteurs(Arist)

Werkboekeenheid 2

Kernprobleem;

Scholastieke methoden voor onderzoek en onderwijs in de volle en late middeleeuwen

Botsing vanaf de 12e eeuw tussen christelijk en niet-christelijk gedachtegoed, beschikbaar via Arabische vertalingen van Griekse geleerden

Kunnen mensen engelen onderwijzen?

Augustinus: had een belangrijk aandeel in de verbreiding van de geschriften van de oudheid.

Van Aquino: valt niet rechtstreeks de bijbel of de kerkvaders aan

Dialoog: ook een vorm van presentatie; de vorm van een vraag en antwoordspel tussen leraar en leerling; filosofische teksten; levendig; wetenschapspopularisering

Anselmus van Canterbury: over waarheid

Verschil middeleeuwse wetenschapsbeoefening en de hedendaagse

 

Van der Jagt en denkbeelden over ongeletterden: een sceptische houding want de overlevering is niet betrouwbaar

A.Gurevitch: Categories of medieval culture. Analyse kosmisch eenheidsgevoel waarvan de hele middeleeuwse samenleving van doortrokken was.

Van der Jagt:

+ illustratie blad 50 boom van Porphyrius

Situering middeleeuwen op de historische tijdbalk

 

Werkboekeenheid 3

Zonnelied van Franciscus van Assisi

Heiligenlevens

Vita St Franciscus

 

Werkboekeenheid 4

Middeleeuwse theologen

Bevolking

Verschillen volgens theologen tussen de engelen en God

Bijdrage kerkvaders aan de demonologie

1000-1300: opvattingen geschoolde middeleeuwers: ruimte tussen God en de mens is met engelen gevuld—goed en slecht

Lovejoy 1936

Bonaventura

Dante: engelen zijn zuivere daad = zuivere vorm zonder stof

Bonaventura: engelen zijn onlichamelijk; wel intellectuele en geestelijke substantie

Th v Aquino: engelen bestaan uit materie van geestelijke aard en vorm

Werkboekeenheid 5.

Reizen een populaire metafoor in de middeleeuwen; het verwerven van kennis en inzicht vaak voorgesteld als het afleggen van een moeizame weg, een geestelijke reis

B. Silvestris

Tegenhanger platoonse richting was de aristotelische traditie: hier werd veel waarde gehecht aan het definiëren van het wezenlijke = onveranderlijke van een onderzoeksobject

Dante : Quaestio de situ et forma aqua=onderzoek naar de vorm en ligging van water en land

Twijfel aan betrouwbaarheid zintuiglijke waarnemingen:

Wereldkaart Heresford: Mappa Mundi 13e eeuw

B. Silvestris

 

Werkboek 6

Jansens

Mattheus van Vendome: Ars Versificatoria

J van Maerlant

Gerritsen over v Maerlant

veranderingen in het landschap 1000-1300

Jansen

 

Werkboek 7

 

Er bestonden uiteenlopende visies op de relatie tussen God en mens;

 

In 1277 werden 219 stellingen door bisschop Etienne Tempier veroordeeld. Hieronder waren leerstukken Thomas van Aquino en Siger van Brabant. Tempier ageerde tegen de opvatting van Aquino:

 

 

Siger van Brabant over de ziel: baseert zich op Aristoteles en diens commentator Ibn Rush.

 

Thomas van Aquino

Cosmographia van Bernardus Silvestris 12e eeuw:

 

 

Aristotelische zielsleer: vegetatieve/sensitieve/rationele functies

Breviloquium van Bonaventura:

Attributen van engelen en mensen vlg Bonaventura

Thomas van Aquino:

Religieuze volkscultuur

 

Werkboek 8.

Hedendaagse geneeskunde: menselijk lichaam als een mechanisme met verschillende onderdelen

Middeleeuwse kosmologie: legde een direct verband tussen alle onderdelen van de schepping—binnen het lichaam een nauw verband met erbuiten. Voortleven medische opvattingen uit de Oudheid :de humoraal-pathologische leer. Verder weinig interesse in de anatomie. In de 12e eeuw een scheiding tussen medische theorie en praktijk

Aristotelische elementenleer;

Element

Sap

Temperament

Eigenschap

Aarde

Zwarte gal

Melancholisch

Koud en droog

Water

Slijm

Flegmatisch

Koud en nat

Lucht

Bloed

Sanguin

Warm en nat

Vuur

Gal

Cholerisch

Warm en droog

Bartholomaeus Anglicus:

B.Anglicus:De proprietatibus rerum

 

Werkboek 9.

Etienne van Bourbon: exempla 13e eeuw

Sociaal-economische en culturele veranderingen 1000-1300: niet geleid tot een ethische heroriëntering.

Auteurs moraliserende teksten

G.Duby: De drie orden: het zelfbeeld van de feodale maatschappij 1025-1225

  1. Adalbero, bisschop van Laon/Gerard van Kamerijk

b.Elucidarium van Honorius Augustodunensis:classificatieschema. Beroept zich op de Heilige Schrift. De boeren bestaan uit goede wilden;leven in eenvoud en werken hard.

Geestelijken

Leken

 

Paus/bisschop/leermeesters/ abten

Vorst met bestuursapparaat/graven/hertogen

Leiders

Priesters/monniken

Krijgslieden/werkers/stedelingen/boeren

volgelingen

c.Speculum Ecclesia: voor 1105 geschreven door Honororius Aug.

d.De imagine mundi 1133

Speculum: sociale onderscheidingen een pragmatisch karakter; verschillende groepen sloten elkaar niet uit; niet een presentatie van een consistent sociaal classificatiesysteem

Werkboek 10

Dionysius Exiguus:legde het fundament voor de chronologische middeleeuwse geschiedschrijving

Paastabellen kloosters:

Rudolf Glaber:

Tijdrekenkunde

Begin van het jaar; de jaarstijl

Dagaanduiding

Kerkelijk jaar/ Pasen

Werkboek 11

Derrida: poststructuralisme. De taal vormt een bron van communicatieve misverstanden die per definitie onoplosbaar zijn—de ene mens zal de andere nooit begrijpen. Een subjectivistische opvatting

Middeleeuwen:

Interpretatie middeleeuwse bijbelcommentatoren

Boom van Porphyrius

    1. genus= geslacht= een ruimer verzamelbegrip dan species/een bepaalde genus bestaat uit verschillende species
    2. species= soort= een deelverzameling van de genus
    3. differentia= een wezenlijk, specifiek onderscheidend kenmerk; definieert de species
    4. proprium= onderscheidende eigenschap die door alle elementen fan de deelverzameling wordt gedeeld/ een niet-wezenlijke specifieke, onderscheidende eigenschap
    5. accidens= eigenschappen die niet bijdragen aan het wezen of onderscheid van een deelverzameling/ een niet-wezenlijk,niet-specifiek onderscheidende eigenschap

Conrad van Hirsau: gebruikt in zijn Dialogus de platoonse indeling; de docent maakt de uittreksels voor de student

Grammatica:

Geschreven teksten in de 13e eeuw vnl beschouwd als een weergave van gesproken teksten. De tekst op zich dateert uit de tijd dat de toegang tot een geschrift nog niet werd vergemakkelijkt door hulpmiddelen als kruisverwijzing etc.

Retorica= artes dictamines

 

Werkboek 12

Paus Gregorius de Grote 600 na Chr.

Bernardus van Angers

Guillelmus Durandus

B. van Clairvaux

Suger van St Denis

Middeleeuwse geheugenkunst

Sugers opvattingen over kunst:

Pseudo-Dionysius: het symbool als de directe uitdrukking van de goddelijke werkelijkheid en zo werkzaam

Augustinus: het symbool is werkzaam door het geloof van de beschouwer die er het onzichtbare, goddelijk in kan zien

Sedlmayer: connecties van Suger met het Franse koningshuis

Van Run

- in het kader van de visuele bijbelexegese is anagogisch één van de vier mogelijke interpretaties van de bijbel= een uitleg op de toekomst met name in het heilshistorisch perspectief


| Geschiedenis | Middeleeuwse Ideeënwereld |

Dit is geen officiële site van de Open Universiteit Nederland

correcties, opmerkingen of aanvullingen zijn altijd welkom

Jacqueline van Diejen- Peterse (2001)